Doorgaan naar hoofdcontent

Een biografie van Hendrik Verrijk (34) 1809-1875

Even kijken waar Hendrik staat in de familie: Cornelis Barthel (ik) >>> Johannes Jacobus Barthel (4) >>> Petrus Johannes Barthel jr. (8) >>> Petrus Johannes Barthel sr. (16) X (getrouwd met) Petronnella Verrijk (17) >>> Hendrik Verrijk (34)

Geboorte aantekening familieregister Doopsgezinde kerk Haarlem
HOE WAS HET OOK ALWEER
In de Franse Tijd werd de conscriptie ingevoerd, later gevolgd door de militie. Hoewel mensen zelf konden kiezen voor een militaire loopbaan, moest het vrijwilligersleger substantieel worden aangevuld. Dit gebeurde via loting. Deze lotingslijsten zijn nog te vinden in menig gemeentearchief. Wie werd ingeloot voor de nationale militie, moest gedurende de vijf jaren dienstplicht enkele malen onder de wapenen. Men hoefde de dienstplicht niet per se persoonlijk te vervullen. Men kon zich ook tegen betaling laten vervangen. Dat kon door een remplaçant of door een nummerverwisselaar.
In het geval een remplaçant werd ingehuurd, betekende dit volledige vervanging van de oorspronkelijke loteling, dat wil zeggen dat de vervanger alle diensten voor zijn rekening nam. Hiermee was uiteraard een fors bedrag gemoeid dat in de praktijk slechts voor weinig ouders (want die betaalden feitelijk) was weggelegd. In het geval een nummerverwisselaar werd ingehuurd, werd alleen de betreffende dienst waargenomen, terwijl de ingelote persoon als dienstplichtige bleef ingeschreven. Een nummerverwisselaar was hiermee goedkoper dan een remplaçant. Als men alle diensten wilde laten vervullen door een ander, had men gedurende de vijf jaren dienstplicht wel meerdere nummerverwisselaars nodig. Zodra een nummerverwisselaar zijn dienst voor iemand had opgeknapt, kon hij zich meteen weer beschikbaar stellen om voor een ander hetzelfde te doen, terwijl een remplaçant vervanger bleef van de ingelote dienstplichtige en zich dus niet opnieuw kon verhuren. Toen in 1901 de algemene dienstplicht werd ingevoerd, kwam er een einde aan het remplaçantenstelsel en het systeem van nummerverwisseling.1)
En ja hoor, uit de Huwelijkse bijlage militie blijkt dat Hendrik aan de dienstplicht heeft voldaan door middel van een nummerverwisselaar. Waarvoor dus in de buidel moest worden getast: pecunia non olet…, doopsgezind of niet, want dat was hij. En dat er geld in de familie zit, zien we later ook bij de voorouders.

VERMOGEN
Het is 21 oktober 1836 en we zijn bij “vrederegter “ 2) Adolf van Wickvoort Crommelin in Haarlem. We, dat zijn verder de griffier en mevrouw Maria Eijnous – de stiefmoeder van Hendrik -, die verklaart aangifte te hebben gedaan van de Memorie van aangifte voor de successierechten. Zij was voor een vierde gerechtigd in de nalatenschap van haar tweede overleden echtgenoot, te weten Hendriks vader, ook een Hendrik. Waarmee aangetoond is dat vader enig vermogen heeft bezeten.

ODE AAN DE WERKMAN


“Den 12den januarij jl. had in het locaal „De Korenbeurs", te Haarlem, de openbare uitreiking der prijzen plaats, uitgeloofd ter gelegenheid der tentoonstelling van wege de vereeniging „Weten en Werken". De vice-president, de heer W.M. Logeman, opende de vergadering. — waartoe, behalve de inzenders en de leden der Vereeniging, ook nog de gewone hoorders waren uitgenoodigd, — met eene toepasselijke rede, waarin hij den werkman van vroegeren tegenover dien van dezen tijd schetste, en deed uitkomen, hoe en waarom de werkende stand, in tegenstelling bij vroeger, meer en meer in de algemeene achting rijst en van zijne meerderen in kennis of rang aanmoediging of sympathie ondervindt. Daarop las de secretaris van het bestuur, de heer mr. van Hoogstraten , de namen der bekroonden op, die hunne geldelijke premien of getuigschriften uit handen des voorzitters ontvingen. Met de 4 prijzen, a Æ’ 25 elk', van stadswege uitgeloofd, werden bekroond de personen van: H. Verrijk…”, en nog enige anderen. 3) En in dezelfde krant van 2 juli dat jaar lezen we dat hij de zilveren medaille op de in Amsterdam gehouden tentoonstelling voor werkstukken had gewonnen. Het zou te prijzen zijn als het werk van de handwerksman tegenwoordig ook zo gewaardeerd zou worden.

Bronnen:
1) http://genwiki.nl/limburg/index.php?title=Nummerverwisseling
2) Een vrederechter in Nederland was een alleensprekende rechter die in de periode van 1811 tot 1838 recht sprak. Hij werd daarbij geholpen door een griffier. Zijn belangrijkste taak was te proberen om tot een schikking te komen tussen de partijen.
Deze partijen mochten geen procedure voor een hogere rechtbank beginnen, zoals bij de Rechtbank van Eerste Aanleg, zonder eerst een poging tot schikken bij de vrederechter te hebben gedaan. Daarnaast sprak hij recht in zaken betreffende roerende goederen met een waarde van, in de Franse tijd, hooguit 100 francs, over schade aan gewassen, grenzen van landerijen, onderhoud van onroerend goed, arbeidsovereenkomsten, belediging, vorderingen e.d. Daarnaast trad hij op in familie- en erfrechtelijke zaken, zoals bij familieberaad, verzegeling en ontzegeling van boedels ten behoeve van de rechtmatige erfgenamen, benoemingen van curatoren en voogden, het opmaken van aktes van bekendheid, enz. Van hem werd verwacht recht te spreken naar redelijkheid. De vrederechter was wel rechter van beroep, maar niet per se jurist. Er was per kanton één Vredegerecht. De vrederechter had twee plaatsvervangers. (Bron: Wikipedia)
3) Opregte Haarlemsche Courant van 25 januari 1867

Reacties

Populaire posts van deze blog

Andries Derks Homan en Marchje Jans Lovise

  INHOUD : De Witte Wieven Auguste Rodin Vastgoed van Jan Hendrik Lovise Het verdwenen land Verkoop roerende goederen Levende have Bronnen   DE WITTE WIEVEN Het is mooi weer en we gaan een eindje fietsen.    Het landschap hier in het noorden van Drenthe is afwisselend: we zien percelen met dan weer landbouw, veeteelt en hier en daar wat bos. De wegen zijn smal maar doordat het erg stil is heb je daar geen last van.    Net als in het westen moet je opletten voor de razende racefietsers. De onvermijdelijke vlaggen op z’n kop ontbreken ook hier niet: ‘blauw wit rood, boer in nood’. De huidige bebouwing met fraaie bungalows afgewisseld met gerestaureerde oude boerderijen staat in schrille tegenstelling tot de armoe van vroeger.    We slaan een zijweg in maar dat het een onverstandige keuze is zal spoedig blijken. De weg wordt steeds smaller en hobbeliger en het terrein loopt langzaam op. Bovendien verdwijnt de zon achter de wolken en een kil ooste...

De mezenkast Update 18 juli 2021

In maart kreeg ik voor mijn verjaardag een mooi cadeau: een minicamera voor de mezenkast in de lijsterbes in de achtertuin. Daar hebben we al jaren succesvolle broedsels van koolmezen.  Aanvankelijk bleef de kast dit jaar onbewoond vanwege de kou in de lente maar half april was het zo ver. Er werden wat takjes naar binnen gegooid, die af en toe weer werden verplaatst.   Hoopvol keken we regelmatig naar het scherm van de iPad: er gebeurde niets meer.   “Zeker opgevreten door de katten” , mopperden we, hoewel we toch een kattengordel om de stam van de boom hadden laten bevestigen.  Tot onze verbazing bleken de koolmezen vorige week toch weer aan het werk te zijn gegaan. Of het ging om het zelfde koppel is niet bekend. Ze hebben ten slotte geen rugnummer.   Intussen is er een laag van mos, kleine takjes en hondenhaar ontstaan, dat door het vrouwtje wordt verbouwd tot een nestje. We noemen haar Neeltje.  De rol van de man (Arie) is tot nu toe alleen die ...

Een biografie van Peter Jansen Nieboer (320) 1700-1775

MOOI WEER EN ZAALWHEER Het is mooi weer en we zijn een eindje aan het fietsen. Het landschap is tamelijk saai: grote stukken grasland, nauwelijks onderbroken door bospercelen. Net alsof het nog niet zo lang geleden aan het IJsselmeer is ontrukt en in lange, rechte percelen is ingedeeld. In het noorden zie je een soort verhogingen in het landschap en dat klopt ook wel want het zijn oude strandwallen, die de landerijen onder Hoophuizen en Nunspeet – want daar zij wij - meestal goed beschermd hebben tegen hoogwater van de toenmalige Zuiderzee. Er resteren nu nog enkele onderdelen ervan en de mooiste voorbeelden liggen wel aan het einde van de Bredeweg. In februari 1825 echter steeg het water tijdens een zware noordwester storm in de nacht van drie op vier februari tot een hoogte van 3,68 meter boven NAP in Harderwijk en de boerderijen op Hoophuizen moeten toen ook forse schade hebben opgelopen. Maar in 1916 ging het met hoogwater helemaal mis en verdween de laatste boerderij 1) . Het is ...